LTO tevreden over besteding 30 miljoen euro voor veehouders

LTO Nederland is tevreden over de inzet van de 30 miljoen euro Europese steun aan Nederlandse veehouders, die staatssecretaris Martijn van Dam (EZ) vandaag bekend heeft gemaakt. “Er is gekozen voor investeringen die de vitaliteit en de kwaliteit van varkenshouderij en de melkveehouderij versterken. Ook mestverwerking wordt gestimuleerd. Die toekomstgerichte aanpak spreekt ons aan”, reageert Albert Jan Maat, voorzitter van LTO Nederland. Het boerenprotest is niet voor niets is geweest, stelt hij. De LTO-voorzitter roept ondernemers in deze sectoren op om nu ook gebruik te maken van de mogelijkheden die de plannen bieden.
 
De aanhoudende lage opbrengstprijzen voor varkensvlees en zuivel waren vorig jaar aanleiding voor boeren om de straat op te gaan. In enkele landen, vooral in Frankrijk, werden wegen geblokkeerd en in meerdere andere EU-lidstaten werden ook acties gevoerd. In september 2015 volgde een massaal boerenprotest in Brussel, waaraan ook LTO deelnam. De EU-Landbouwraad besloot kort daarna tot extra steun van totaal 500 miljoen euro voor Europese boeren en tuinders, waarvan Nederland bijna 30 miljoen toebedeeld kreeg. EZ heeft aangegeven 10 miljoen euro te investeren in de varkenshouderij, 10 miljoen in de melkveehouderij en 10 miljoen in mestverwerking.

Varkenshouderij
In de varkenshouderij zal het geld besteed worden aan herstructurering (5 miljoen) en aan het stimuleren van deelname aan het ketenkwaliteitssysteem Holland Varken en de ondersteuning van producentengroepen om de introductie van nieuwe verdienmodellen in de keten te stimuleren (5 miljoen). Eric Douma en Ingrid Jansen van de Producenten Organisatie Varkenshouderij (POV) zijn content over de gemaakte afspraken: “Met deze inzet wordt een stimulans gegeven aan maatregelen voor de vitalisering varkenshouderij. Deze maatregelen moeten leiden tot meer rendement en marktkracht voor de varkenshouder”.

Melkveehouderij
In melkveehouderij zal het geld besteed worden aan mineralenefficiency, diergezondheid en weidegang. Dit gebeurt door onder meer het stimuleren van de kringloopwijzer, inclusief een tegemoetkoming van analyses van kuilmonsters (3 miljoen) en de bestrijding van de dierziekten IBR en BVD. Ook zal geld worden ingezet om het gebruik van antibiotica verder te verminderen (3 miljoen) en een  extra impuls te geven voor melkveehouders, die beginnen met het weiden van hun koeien vóór het maaien van de eerste snede gras (4 miljoen), De laatste maatregel  is ook goed voor de weidevogelstand. Kees Romijn, voorzitter LTO-vakgroep Melkveehouderij, stelt dat zijn organisatie zich er voor heeft ingezet dat het geld op het boerenerf terechtkomt. “Via deze bestedingslijn is dat gelukt. Niet rechtstreeks, maar via lagere kosten. Het bedrag voor individuele melkveehouders is beperkt, maar op de genoemde dossiers (mineralenefficiency, diergezondheid, weidegang) kunnen flinke stappen gezet worden.”

Mestverwerking
Tot slot gaat 10 miljoen euro naar samenwerking tussen varkenshouders en melkveehouders bij (hoogwaardige) mestverwerking. Met deze regeling kunnen inleggelden van veehouders bij verwerkingsinitiatieven worden verdubbeld. Bij deze initiatieven moet minstens 50.000 ton drijfmest worden verwerkt en tachtig procent van de fosfaat buiten de Nederlandse landbouw worden afgezet. Hans Huijbers, portefeuillehouder Duurzaamheid bij LTO Nederland: “Dit zal bijdragen aan een evenwicht op de mestmarkt. Per saldo leiden de maatregelen tot een verlaging van de mestafzetkosten. Dit is cruciaal, want op veel varkens- en melkveebedrijven vormen mestafzetkosten een steeds zwaardere last.”