Topsectoren en innovatiebeleid

Het kennis- en innovatiebeleid verloopt in Nederland vooral via de Topsectoren. De land- en tuinbouw draaide hierin goed mee, mede dankzij de programma's en de middelen van de productschappen. Met deze middelen konden samen met Wageningen UR programma's opgezet worden. Deze dreigen nu weg te vallen. LTO maakt zich sterk voor het in stand houden van de gezamenlijke onderzoekprogramma's voor de land- en tuinbouw en voor het realiseren van nieuwe financiering hiervoor. Samenwerking in de keten is hiervoor essentieel. Daarnaast maakt LTO zich sterk voor een beter gebruik van het subsidie-instrumentarium voor het MKB voor de land- en tuinbouw. Dit geldt overigens ook op Europees niveau. Er komen meer middelen voor innovatie via het GLB, bijvoorbeeld via het Europees Innovatie Partnerschap voor de landbouw.  LTO zet zich in voor aansluiting van ondernemersnetwerken op dit partnerschap en hiermee voor toegang op Europese kennis en Europese geldstromen. Voor het onderwijs zet LTO in op het versterken van de kwaliteit van de opleidingen in het MBO voor de agrarische sector. Bundeling van opleidingen en betere aansluiting van onderwijs op de praktijk is hiervoor nodig.